.

Voeding: koolhydraten en vetten

Lieve mensen,

De afgelopen tijd zijn wij bezig geweest jullie gegevens te verwerken en aan de hand daarvan hebben we de twee meest voorkomende voedingskundige knelpunten gevonden! Let op, het gaat hier om sportdoeleinden voor de gehele groep, dus niet om individuele knelpunten en sport- en gezondheidsdoeleinden.


De knelpunten zijn:

-te weinig koolhydraten op trainingsdagen

- te veel vetten in het algemeen


Deze vragenlijst gaat over koolhydraten en vetten.

Het bestaat uit ... vragen met elk ook de optie "weet ik niet"erbij.

Gebruik deze optie als je het antwoordt niet weet. Alleen als je het antwoord weet, maak je gebruik van de andere antwoordopties.

We gebruiken deze vragenlijst om jullie kennis te testen. Als je het antwoord op een vraag gokt, kan dit zorgen voor een afwijking in het inzicht in jullie kennis.


Succes!:)

Beveiligd
1

1. Koolhydraten zijn essentieel voor een goede sportprestatie

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
2

2. Als ik veel koolhydraten eet, voel ik me zwaar of traag tijdens het sporten

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
3

3. Ik heb het gevoel dat ik weinig koolhydraten nodig heb, ook op trainingsdagen.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
4

4. Ik weet welke voedingsmiddelen veel gezonde koolhydraten bevatten.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
5

5. Ik voel me schuldig als ik veel koolhydraten eet.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
6

6. Ik voel me beter als ik 'gezond' eet, ook al bevat dat weinig koolhydraten.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
7

7. Ik vind dat sporters bewust met voeding moeten omgaan.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
8

8. Ik vind het verkeerd om sportvoeding of supplementen te gebruiken voor extra koolhydraten

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
9

9. Ik vind 'natuurlijke' voeding beter dan bewerkte koolhydraatbronnen.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
10

10. In mijn trainingsgroep wordt gezond eten belangrijk gevonden.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
11

11. Ik vind dat sporters een voorbeeldfunctie hebben in hoe ze eten en met voeding omgaan.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
12

12. Ik heb het gevoel dat andere survivalrunners letten op wat ik eet.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
13

13. Mijn trainer moedigt me aan om voldoende koolhydraten te eten.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
14

14. Wat ik eet is vergelijkbaar met wat andere survivalrunners in mijn omgeving eten.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
15

15. Ik baseer mijn eetgedrag op wat ervaren survivalrunners doen.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
16

16. In mijn omgeving eten de meeste sporters weinig koolhydraten

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
17

17. Ik weet hoe ik mijn voeding kan aanpassen om ervoor te zorgen dat ik meer koolhydraten binnenkrijg.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
18

18. Ik kan mijn voedingspatroon aanpassen, ook als ik weinig tijd heb.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
19

19. Ik wil mijn voeding aanpassen met het doel om beter te presteren in de sport

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
20

20. Ik ben gemotiveerd om meer aandacht te besteden aan mijn koolhydraatinname.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
21

21. Het aanpassen van mijn voeding voelt de moeite waard

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
22

22. Ik heb vertrouwen in mijn vermogen om gezonde voedingskeuzes te maken

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
23

23. Ik vertrouw erop dat ik weet wat mijn lichaam nodig heeft qua voeding omtrent trainingen en wedstrijden.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
24

24. Ik voel me zeker over mijn kennis over de hoeveelheid koolhydraten die ik per dag nodig heb.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
25

25. Ik kan goed inschatten hoeveel koolhydraten een maaltijd bevat.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
26

26. Ik kan maaltijden voorbereiden die passen bij mijn trainingsbelasting

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
27

27. Ik heb moeite om voldoende koolhydraten binnen te krijgen, vanwege tijdgebrek.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
28

28. Gezonde koolhydraatbronnen zijn voor mij lastig beschikbaar

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
29

29. Ik vind specifieke sportvoeding of koolhydraatrijke producten te duur.

Deel 1. Dit deel geeft stellingen over koolhydraten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
30

1. Vetten zijn een belangrijke energiebron tijdens trainingen.

Deel 2. Dit deel geeft stellingen over vetten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
31

2. Vetrijke voeding is gezonder dan koolhydraatrijke voeding

Deel 2. Dit deel geeft stellingen over vetten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
32

3. Het beperken van vetinname is bevorderend voor sportprestaties

Deel 2. Dit deel geeft stellingen over vetten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
33

4. Ik denk dat ik beter presteer in de sport als ik meer vet eet

Deel 2. Dit deel geeft stellingen over vetten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
34

5. Ik vind het prettig om vetrijke voedingsmiddelen te eten.

Deel 2. Dit deel geeft stellingen over vetten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
35

Ik geef de voorkeur aan het eten van:

36

6. Hoe voel jij je bij het eten van vetrijke voeding?

Deel 2. Dit deel geeft stellingen over vetten. Geef aan wat het meest van toepassing is op jou. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
37

7. In hoeverre beïnvloeden sociale media jouw overtuigingen over 'goede' en 'slechte' vetten?

Deel 2. Dit deel geeft stellingen over vetten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
38

8. Mijn trainer moedigt mij aan om voldoende vetten te eten.

Deel 2. Dit deel geeft stellingen over vetten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
39

9. Ik eet een vergelijkbare hoeveelheid vetten, vergeleken bij andere survivalrunners in mijn omgeving

Deel 2. Dit deel geeft stellingen over vetten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
40

10. Ik baseer mijn eetgedrag (vetten) op basis van wat ervaren survivalrunners doen.

Deel 2. Dit deel geeft stellingen over vetten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
41

11. Ik weet hoe ik mijn voeding kan aanpassen met het doel om voldoende vetten binnen te krijgen.

Deel 2. Dit deel geeft stellingen over vetten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
42

12. Ik vind het makkelijk om mijn vetinname te beperken.

Deel 2. Dit deel geeft stellingen over vetten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
43

13. Ik kan mijn vetinname aanpassen, ook als ik weinig tijd heb.

Deel 2. Dit deel geeft stellingen over vetten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
44

14. Ik wil mijn vetinname vetbeteren, met als doel om beter te presteren in de sport.

Deel 2. Dit deel geeft stellingen over vetten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
45

15. Ik ben gemotiveerd om meer aandacht te besteden aan mijn vetinname

Kies 1 antwoord
46

16. Het aanpassen van mijn vetinname voelt de moeite waard.

Deel 2. Dit deel geeft stellingen over vetten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
47

17. Ik heb vertrouwen in mijn vermogen om gezonde voedingskeuzes te maken.

Deel 2. Dit deel geeft stellingen over vetten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
48

18. Ik vertrouw erop dat ik weet hoeveel vet mijn lichaam nodig heeft rondom trainingen en wedstrijden

Deel 2. Dit deel geeft stellingen over vetten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
49

19. Ik voel me zeker over mijn kennis over de hoeveelheid vetten die ik nodig heb.

Deel 2. Dit deel geeft stellingen over vetten. Geef aan in welke mate je het eens bent met de stelling. Weet je het niet? Antwoord dan: "weet ik niet".
50

Heb je nog vragen of opmerkingen?

Zet je vragen en/of opmerkingen in het veld hieronder. Bedankt voor het invullen van onze vragenlijst! We houden jullie op de hoogte!