.

Quiz Continentiezorg Geriatrische Patiënt

Neem even de tijd voor een paar vragen over de zorg bij kwetsbare ouderen met incontinentie en/of verminderde mobiliteit. 

Beveiligd
1

Welke maatregel kan helpen om valincidenten te voorkomen bij een oudere patiënt die ’s nachts vaak moet plassen?

Kies één of meer antwoorden
2

Wat is een belangrijk leefstijladvies voor een oudere patiënt met incontinentie in het ziekenhuis?

Kies één of meer antwoorden
3

Welke aanpassing in de ziekenhuisomgeving bevordert de zelfstandigheid van kwetsbare ouderen met incontinentie?

Kies één of meer antwoorden
4

Waarom is voldoende drinken belangrijk bij oudere ziekenhuispatiënten met incontinentie?

Kies één of meer antwoorden
5

Welke kleding/voorziening helpt een oudere patiënt in het ziekenhuis om sneller en veiliger naar het toilet te gaan?

Kies één of meer antwoorden
6

Waar moet de verpleegkundige op letten bij het ophangen van de katheterzak bij een bedlegerige geriatrische patiënt?

Kies één antwoord
7

Wat is een belangrijk aandachtspunt bij de dagelijkse verzorging van de katheterinbrengopening (meatus)?

Kies één antwoord

Antwoorden & uitleg

 

1. Correct antwoord: B + D


B. Een urinaal of postoel naast het bed plaatsen

Dit verkleint de loopafstand naar het toilet en vermindert het risico op vallen ’s nachts.

 

D. Zorgen dat het pad naar het toilet vrij is van obstakels en losse kleedjes

Omdat een vrij en obstakelvrij pad naar het toilet struikelen en vallen voorkomt

 

2. Correct antwoord: C + D


C. Vaste toiletrondes plannen met de verpleegkundige

Door tijdig en regelmatig naar het toilet te gaan, worden ongelukjes voorkomen en voelt de patiënt zich zekerder.

 

D. Goede stoelgang bevorderen

Obstipatie kan incontinentie verergeren.

 

3. Correct antwoord: A+ B


A. Handgrepen en verhoogde toiletbril voor veiligheid en gemak

Hulpmiddelen op het toilet bevorderen zelfstandigheid, en verkleinen het valrisico.

 

B. Altijd de rollator of looprek binnen handbereik zetten

Hulpmiddelen bij het bed bevorderen mobiliteit en zelfstandigheid, en verkleinen het valrisico.

 

 

4. Correct antwoord: A + B


A. Voldoende drinken voorkomt obstipatie en urineweginfecties

Te weinig drinken kan leiden tot blaas- en darmproblemen. Verspreid drinken over de dag is belangrijk, ook bij incontinentie.

 

B. Uitdroging vergroot het risico op verwardheid, vallen en lichamelijke achteruitgang.

Door een lage bloeddruk is de doorbloeding van organen, hersenen, circulatie verminderd.

 

5. Correct antwoord: A + D


A. Broek met elastische tailleband en antislipsokken

Eenvoudig aan/uit te trekken kleding en veilige schoenen of sokken zorgen dat de patiënt sneller en veiliger naar het toilet kan.

 

D. Een postoel dicht bij het bed

De patiënt hoeft niet ver te lopen, snel kan reageren op aandrang en heeft minder kans heeft om te struikelen of vallen onderweg naar het toilet.

  

6. Correct antwoord C + D


C. De katheterzak lager hangen dan de blaas, zonder de vloer te raken

Zo kan de urine goed aflopen, wordt terugstromen voorkomen en blijft de zak hygiënisch.


D. De katheterzak niet onnodig loskoppelen

Elke verbreking verhoogt het infectierisico.

 

7. Correct antwoord: C + D


C. Dagelijks schoonmaken met lauw water en een schone washand of gazen

Dagelijkse hygiëne met water (en milde zeep indien nodig) voorkomt irritatie en infectie, zonder de huid te belasten Dit houdt de huid schoon, voorkomt irritatie en verkleint de kans op een urineweginfectie.

 

D. Controleer de inbrengopening op roodheid, zwelling, pus of lekkage

Dit kan wijzen op een beginnende infectie.